Biografie
Eugène Rensburg
1872 — 1956
een leven langs de waterkant
penschilder · aquarellist · etser · schilder · tekenaar
Eugène Rensburg — gedoopt als Eugenius — was een Haags kind van de late negentiende eeuw dat de stad zijn levenswerk maakte. Hij etste, schilderde en tekende haar grachten en pleinen, haar havens en molens, in Nederland en daarbuiten. Deze biografie steunt op archiefstukken, gegevens van het RKD en vakliteratuur; waar de bronnen het af laten weten, staat dat er nadrukkelijk bij.
Levensloop
Jeugd en opleiding in Den Haag (1872–1900)
Eugenius Rensburg werd op 16 september 1872 geboren in ‘s-Gravenhage, als zoon van Jacques Rensburg en Rosalia Hanau. Dat blijkt uit zijn huwelijksakte van 1902; het Amsterdamse militieregister bevestigt de geboortedatum. Rond 1890 studeerde hij in twee perioden aan de Akademie van beeldende kunsten in Den Haag, zoals het RKD vastlegt. De kunsthandelstraditie, berustend op het RKD en het lexicon van Scheen, voegt daar een avondcursus aan de Quellinusschool in Amsterdam aan toe, waar hij leerling zou zijn geweest van J. van Delden.
Hoe zijn vroege loopbaan eruitzag, is vooral uit het werk zelf te reconstrueren. In 1897 schilderde hij een havengezicht met een stad aan de horizon, gesigneerd Eug.Rensburg./1897; het doek werd in 2003 bij Christie’s geveild. Op dat schilderij bevindt zich een etiket van een wereldtentoonstelling te Amsterdam met een zilveren medaille. Om welke tentoonstelling het gaat, is niet opgehelderd: de bekende Amsterdamse wereldtentoonstelling vond plaats in 1895, twee jaar voordat het schilderij ontstond.

Huwelijk en de Parijse jaren (1900–1915)
Op 24 september 1902 trouwde Rensburg in Rotterdam met Maria Catharina Wilhelmina van Dommelen, geboren te Utrecht op 16 maart 1872. In de akte staat zijn beroep vermeld als tekenaar. Het echtpaar leefde daarna geruime tijd in het buitenland. Het RKD somt zijn werklocaties op: Den Haag, Amsterdam, Parijs, Berlijn, Wenen, Frankfurt am Main en Boedapest, met motieven aan Rijn, Thames, Donau, Seine en Zuiderzee. Voor Parijs registreert het RKD twee perioden, 1900-1901 en 1905 tot circa 1915; het onderzoeksproject Nederlanders in Parijs – Retour de Paris plaatst hem in die Haags-Parijse generatie.
De eigen familiekroniek vermeldt ook verblijven in Luik, Londen, Marseille en Nice. Onafhankelijk bevestigd zijn die niet; alleen Luik wordt indirect gestaafd door een gesigneerde gravure van Maison Havart aan de quai de Lacoffe.
De Oedipus-etsen van 1913
In het najaar van 1913 kreeg Rensburg zijn best gedocumenteerde opdracht. Op 10 september ging in het Arnhemse park Sonsbeek de openluchtvoorstelling Koning Oedipus in première, met Willem Royaards in de titelrol en zijn gezelschap Het Tooneel. Rensburg, bevriend met de mecenas Paul Rijkens, tekende naar het leven — in de plaat staat DEL AD VIV — en leverde een monumentale ets met de opdrachttekst “Dr. Willem Royaards / Openluchtvoorstelling te Arnhem”. Van die plaat zijn een zwarte druk in een oplage van 3/5 en een donkerrode proefdruk met de aanduiding “Premier état / Unicum” bekend. Voor de ploegleden verscheen een kleinere versie in een oplage van circa driehonderd exemplaren, waarvan ook een “Épreuve d’artiste” is gedocumenteerd. Uit het Haagse bevolkingsregister blijkt dat het echtpaar in 1913 in Den Haag woonde.
Rensburg tekende naar het leven: in de plaat van zijn Oedipus-etsen staat DEL AD VIV.
Terug in Den Haag: de stad als levenswerk (1915–1956)
Na de Parijse jaren vestigde Rensburg zich definitief in Den Haag. Hij bleef de stad vastleggen, met een duidelijke voorkeur voor Rotterdam: de Coolsingel in 1912, de Lange Torenstraat in 1910, de Leuvehaven rond 1918 en tientallen andere gezichten van een stad die het bombardement van mei 1940 niet zou overleven. Juist die topografische trouw gaf zijn werk later documentaire waarde.
Rond 1932 gaf hij in eigen beheer de kalender Mooi Holland anno 1933 uit: twaalf maandbladen, in lithografie vervaardigd bij C. Immig & Zonen, elk aan een andere Hollandse stad gewijd. Een jubileumets voor het Comité van Graanhandelaren (1872–1942) wordt eveneens aan zijn naam verbonden, al is de documentatie daarvan dun. Volgens de familie was hij zijn hele werkzame leven lid van de Amsterdamse vereniging De Onafhankelijke; het RKD registreert dat lidmaatschap niet.
Eugène Rensburg overleed op 6 november 1956 in zijn geboortestad, 84 jaar oud. In de overlijdensakte staat het beroep dat hem een leven lang had gedragen: kunstschilder.
Nalatenschap
Werkwijze en betekenis
“Een handig stadstekenaar”
De Scheen-traditie
Het RKD kwalificeert Rensburg als penschilder, aquarellist, etser, schilder en tekenaar. De Scheen-traditie noemt hem “een handig stadstekenaar” en dat zegt iets wezenlijks: hij was geen vernieuwer maar een documentalist. Zijn etsen volgen de werkelijkheid straat voor straat, met aandacht voor baksteen, water en lucht. Daarmee vormen ze een visueel archief van met name het Rotterdam van vóór 1940, naast gezichten op Amsterdam, Utrecht, Gouda, Harlingen, Bergen en steden aan de grote Europese rivieren.
Over de omvang van het oeuvre doet een hardnekkige raming de ronde: meer dan vijfduizend etsen, waarvan circa vierhonderdvijftig van Rotterdam. Die cijfers zijn nergens onderbouwd en moeten als kunsthandelsfolklore worden gelezen. Zeker is dat het werk in omvangrijke series op de markt blijft verschijnen; via één veilingplatform passeerden sinds 2014 al meer dan honderd stuks.
Levensdata in het kort
- 16-09-1872
- geboren te ‘s-Gravenhage als Eugenius Rensburg
- ca. 1890
- studie Akademie van beeldende kunsten, Den Haag
- 1897
- havengezicht in olieverf, gesigneerd Eug.Rensburg./1897
- 24-09-1902
- huwelijk te Rotterdam met Maria van Dommelen
- 1900–1915
- Parijse jaren; werk ook in Berlijn, Wenen, Boedapest
- 10-09-1913
- première Koning Oedipus; opdracht voor de Oedipus-etsen
- 1932
- eigen uitgave kalender Mooi Holland anno 1933
- 06-11-1956
- overleden te ‘s-Gravenhage, 84 jaar, kunstschilder